Begeleiden en evalueren - LKO1
BEGELEIDEN
Het is belangrijk om te weten dat het leerproces van de student centraal staat tijdens de stages. De studenten mogen en moeten leren uit ervaringen. De mentor neemt zowel in semester 1 als in semester 2 een centrale rol in als begeleider van het leerproces.
Semester 1
Doorheen het eerste semester ligt de focus op het begeleiden van de student. De student kiest in dit semester zelf hoe de stagedag ingevuld wordt, op basis van de stageplanning semester 1.
Vanaf het moment dat studenten zelf een activiteit geven, hebben zij hierin nog veel begeleiding nodig. De student kan en mag zelf één of meerdere activiteiten kiezen die hij/zij aan de mentor wil tonen. Het is uiteraard de bedoeling dat deze keuze doordacht gebeurt én in samenspraak met de mentor.
De studenten selecteren voor elke stagedag een focuspunt. Ze hebben hiervoor de keuze uit:
- welbevinden
- betrokkenheid
- doelgericht werken of
- materialen.
De student geeft vooraf aan de mentor mee wat zijn of haar focuspunt is, zodat de mentor hier in de begeleiding rekening mee kan houden. Deze focuspunten zijn ook opgenomen in de feedbackfiche. We vragen de mentor dan ook om na elke stagedag de feedbackfiche in te vullen en op basis hiervan mondeling feedback te geven aan de student.
Daarnaast is het observeren van de kleuters in semester 1 een belangrijk aandachtspunt waarbij het voor studenten interessant is om over zijn observaties en interpretaties met de mentor in gesprek te kunnen gaat.
Semester 2
In de stageplanning van semester 2 zijn alle activiteiten terug te vinden die de student per stagedag moet geven. De planning is zo opgesteld dat de studenten de betreffende vakdidactiek al hebben aangeleerd in de opleiding op het moment waarop de activiteit gepland staat.
Indien het niet mogelijk is om deze planning te volgen, bijvoorbeeld vanwege een schooluitstap, mag er – in samenspraak met de mentor – flexibel met de planning worden omgegaan.
In semester 2 van LKO 1 draagt de student nog geen eindverantwoordelijkheid voor het klasgebeuren. Dit betekent dat de mentor actief meedraait en de student ondersteunt bij het klasmanagement.
Net zoals in semester 1 vragen we om per stagedag één feedbackfiche in te vullen en vervolgens een mondeling feedbackgesprek met de student te voeren.
Aan het einde van de actieve stagedagen in semester 2, voorafgaand aan de weekstage, vragen we de mentor om een algemeen begeleidingsformulier over de student in te vullen. Zo krijgt de student een overzicht van zijn/haar positieve punten en de groeikansen. Dit document bevat geen beoordeling.
De student bezorgt het juiste document aan de stagementor. Idealiter ontvangt de student het ingevulde formulier kort na de laatste actieve stagedag, zodat hij of zij met deze feedback rekening kan houden bij de voorbereiding en uitvoering van de weekstage.
EVALUEREN
De evaluatie van de student door de mentor gebeurt op basis van de stageweek in mei. Daarom vragen we de mentor om pas aan het einde van deze stageweek het evaluatieformulier in te vullen. Het is belangrijk om in dit formulier zowel alle competenties als de verschillende rollen van de leraar te beoordelen.
De student bezorgt bij de start van de stageweek het juiste document aan de stagementor.
Studenten zijn verplicht om (vanaf stagedag 3 in semester 1) voor elke activiteit een activiteitenfiche (= voorbereiding) te maken. Hiervoor kunnen ze beroep doen op activiteitenfiches met instructies. Daarnaast krijgen ze – op eigen vraag – ondersteuning binnen de lessen praktijkondersteuning. De studenten werken met een digitale stagemap, waarin de voorbereiding van de stage terug te vinden is.
De mentor kan via de digitale stagemap feedback geven. De voorkeur gaat uiteraard naar een persoonlijke ontmoeting waarbij de student en de mentor in gesprek kunnen gaan over de gemaakte keuzes. Naar aanleiding van de feedback van de mentor worden activiteiten – indien nodig – aangepast. Let op: Zonder uitgeschreven activiteitenfiche gaat een activiteit NOOIT door! In semester 2 wordt verwacht dat alle herwerkte documenten de dag voor de effectieve stage begint terug te vinden zijn in de digitale stagemap.
Voor het begeleidingsbezoek door de lector kiest de student 1 activiteit die hij of zij wil demonstreren en waar hij of zij feedback op zou willen ontvangen. De student kan de keuze van deze activiteit goed verantwoorden. Het kan verstandig zijn om een activiteit te kiezen die niet vlot verloopt of waar een aantal tips welkom zijn! Ook geeft de student aan de bezoekende lector aan welk topic hij of zij wilt dat centraal zal staan tijdens de bespreking.
Voor het evaluatiebezoek kiest de student twee activiteiten uit twee verschillende vakdisciplines die de student op het moment van het bezoek kan uitvoeren. De bezoekende lector kiest welke van de twee activiteiten uiteindelijk uitgevoerd zal worden.
De bezoekende lector laat minstens 2 dagen op voorhand via EPOS aan de student weten wanneer hij of zij dit bezoek mag verwachten. Het is de verantwoordelijkheid van de student om ervoor te zorgen dat de gekozen activiteiten op dat moment ook effectief uitvoerbaar zijn!
Indien de student niet slaagt tijdens het evaluatiebezoek, kan de student kiezen voor een herkansingsbezoek. Hiervoor mag de bezoekende lector een vakdiscipline en groeperingsvorm/werkvorm (begeleide activiteit in grote of kleine groep) opleggen aan de student. Bij een herkansing mag er geen gebruik worden gemaakt van een typeles of proefles. De originele activiteitenfiche wordt in de digitale stagemap opgenomen. Deze mag wel worden verbeterd door de mentor maar de eerste versie wordt ook meegenomen in de beoordeling van de student. Deze voorbereidingen worden ten laatste 2 dagen voorafgaand aan de herkansing opgenomen in de digitale map.
Tijdens het herkansingsbezoek zal de student eveneens 1 hoek doelgericht vorm geven, alsook de bijhorende hoekenfiche invullen. De bezoekende lector bepaalt de verwachtingen t.o.v. het herkansingsbezoek en communiceert deze op voorhand aan de student.
Let op: Indien de student reeds tweemaal een nul voor attitude kreeg via EPOS, vervalt het recht op dit herkansingsbezoek.
De student zal vanuit de hogeschool uiteraard ondersteund worden door de inhouden die aan bod komen in de verschillende opleidingsonderdelen. Daarnaast zal elke student ook een begeleidingsbezoek krijgen van een lector en zal het opleidingsonderdeel ‘praktijkondersteuning’ een belangrijke plaats innemen in het leerproces en de begeleiding van de student.
In het eerste semester zal de rol van ‘praktijkondersteuning’ vooral bestaan uit het ondersteunen van de student in de voorbereiding van zijn of haar stage. In het tweede semester zal ook de begeleiding van de weekstage aan bod komen. Niet elke activiteit wordt samen met de studenten voorbereid.
In dit opleidingsonderdeel zullen ook intervisie en feedbackmomenten een belangrijke rol spelen waarbij er steeds aandacht is voor stagegerelateerde verwachten.
De student zal één begeleidingsbezoek van een lector krijgen voorafgaand aan de stageweek. Een begeleidingsbezoek zal op voorhand aangekondigd worden aan de student zodat hij/zij dit bezoek ook kan voorbereiden. De student kan en mag zelf een activiteit kiezen die hij/zij wenst te demonstreren aan de begeleidende lector. Het is uiteraard de bedoeling dat de keuze van deze activiteit doordacht gebeurt en dat de student zijn of haar keuze kan motiveren. Tijdens het gesprek zal aan bod komen waar de student zich bevindt voor de verschillende competenties. Elke student zal van dit bezoek een verslag krijgen waarin de werkpunten en de eventueel verder gekozen acties duidelijk omschreven worden. Dit bezoek dient als ondersteuning van de student. Het verslag van het coachingsbezoek wordt zodoende niet meegenomen in de uiteindelijke beoordeling voor stage 1!
Aan dit bezoek wordt geen evaluatie gekoppeld. Er kan echter wel een attitude-evaluatie volgen (zie stagereglement).
In semester 2 zal elke student een aangekondigd evaluatiebezoek krijgen van een lector. De lector geeft via EPOS aan wanneer het evaluatiebezoek plaatsvindt. De student kiest op voorhand twee activiteiten binnen twee verschillende vakdisciplines die hij of zij op dat moment kan uitvoeren. De bezoekende lector kiest bij de start van het bezoek welke van de twee activiteiten uitgevoerd wordt. Tijdens dit bezoek wordt ook de digitale stagemap (inclusief andere activiteitenfiches) grondig nagekeken.
Indien de student een onvoldoende behaalt tijdens het evaluatiebezoek, krijgt hij of zij de mogelijkheid om 1x te herkansen. Indien de student al tweemaal een nul voor attitude kreeg via EPOS, vervalt het recht op dit herkansingsbezoek. Een herkansing is geen verplichting maar de vrije keuze van de student! Een herkansing is mogelijk in de periode tussen het evaluatiebezoek en 4 juni, in samenspraak met de mentor én de bezoekende lector. Dit bezoek wordt niet noodzakelijk door dezelfde collega uitgevoerd.
Indien de student bij de herkansing een voldoende behaalt, vervalt de onvoldoende van het eerste evaluatiebezoek. Enkel studenten die een onvoldoende behaalden tijdens het eerste evaluatiebezoek kunnen een herkansing vragen. Een student kan m.a.w. niet kiezen voor een herkansing om van een voldoende naar een goed te gaan.
Op het einde van het opleidingsjaar zit de opleidingsraad samen om de evolutie en de beoordeling van de student te bespreken en om de beoordelingen om te zetten naar een cijfer.
Voor eerstejaarsstudenten wordt het eindcijfer bepaald door de beoordelingen van de lector en de mentor.