Stageconcept - LKO2
Bij het werken zonder thema vallen we terug op het fundament van de rijke leeromgeving, namelijk op het rijk basismilieu met rituelen en hoeken. Tijdens deze stageperiode neemt de student dan ook echt de tijd voor het uitwerken van het rijk basismilieu. Daarnaast besteedt de student uitgebreid aandacht aan de rituelen bij de jongste kleuter. Er wordt een antwoord gezocht op de volgende vragen:
- Staat mijn rijk basismilieu op punt?
- Zijn de rituelen geautomatiseerd?
Om een antwoord te kunnen formuleren op deze vragen krijgen observeren en reflecteren een centrale plaats binnen het werken zonder thema. Door in te zetten op de observatie-en reflectiecyclus vanuit de focus “kwaliteit van spel” door de betrokkenheid tijdens het spel in kaart te brengen en vanuit “doelgericht werken”, krijgen we niet alleen een antwoord op bovenstaande vragen maar wordt de student ook uitgenodigd tot actie en bijsturing.
Een van de mogelijke acties is het aanpassen van het rijk basismilieu en/of de rituelen i.f.v. de behoeften van de kleuters. Wanneer deze op punt staan maar de kwaliteit van spel nog niet optimaal is, is het interessant bewuste keuzes te maken inzake spelbegeleiding. De ambitie binnen het werken zonder thema is het investeren in het rijk basismilieu maar ook het inzetten op zelfsturing m.b.t. vrij spel van de kleuters. De bedoeling is om zo meer tijd te krijgen voor de kleuters, om ze te leren kennen i.f.v het uitwerken van een aanbod waarin maximale ontwikkelingskansen voor alle kleuters gegarandeerd kunnen worden.
De nadruk ligt dus echt op de zoektocht naar een rijk basismilieu en specifiek op het aanpassen en op punt stellen van dit basismilieu, veel meer dan op het verrijken ervan.
Volgens de principes van de themaplanning vertrekt de student vanuit bewust gekozen kernleerplandoelen uit de vakdisciplines “wetenschap en techniek. Geschiedenis en/of aardrijkskunde”. Vervolgens zet de student de stap naar de andere leergebieden.
Voor de eerste week themaplanning in maart, worden de kernleerplandoelen door de opleiding bepaald zodat we zo goed mogelijk kunnen inzetten op de begeleiding van de student. Het is de bedoeling dat de student deze doelen uitwerkt voor de volledige stageweek.
In de opleiding verkennen we samen met de student de doelen. Binnen het gekozen thema is het vervolgens belangrijk dat naast de bewust gekozen leerplandoelen van “wetenschap en techniek. Geschiedenis en/of aardrijkskunde”, ook bewust leerplandoelen uit de andere vakdisciplines kiest. Omdat een doelgerichte samenhang in de themaplanning essentieel is, waken we er samen over dat alle doelen op een doordachte manier geïntegreerd worden. Bij het uitwerken van de themaplanning staat naast de doelgerichte samenhang, ook het clusteren van de doelen volgens de cyclus: impressie – oefening/expressie – verankering centraal. Zodra de student deze oefening heeft uitgevoerd, krijgt hij een helder beeld van de activiteiten die hij zal uitvoeren, inclusief de invulling van het rijk basismilieu en eventuele verrijkingen voor het vrij spel in de hoeken?